Moet een woonstijl onderscheidend zijn voor de winkel of begrijpelijk voor de klant?

Bijgewerkt op: 7 dagen geleden

Woonformules bouwen hun assortiment vaak op rond een aantal herkenbare woonstijlen.
Zo krijgen kleuren, materialen, meubelvormen en accessoires een duidelijke plek binnen de collectie. Iedere formule geeft daar zijn eigen namen aan, passend bij het merk en de doelgroep.
Voor de consument is dat minder overzichtelijk.
Die vergelijkt niet binnen één winkel, maar tussen showrooms, websites, woonbladen en social media.
Een stijlnaam die binnen één formule helder is, kan ergens anders iets anders betekenen.
De klant moet daardoor eerst begrijpen wat een winkel met een bepaalde naam bedoelt voordat hij kan vergelijken.
Dat raakt ook aan de manier waarop een collectie wordt opgebouwd: niet vanuit losse labels, maar vanuit samenhang en duidelijke verschillen binnen het assortiment.
Een woonstijl heeft twee functies
Voor een winkel is een woonstijl onderdeel van het merkbeeld.
De naam helpt om een collectie herkenbaar neer te zetten en geeft richting aan presentatie, fotografie en communicatie.
Voor de klant heeft die naam een praktischer doel.
Hij wil kunnen herkennen welk interieurbeeld hem aanspreekt en waarin dat verschilt van een andere richting.
Een formule wil zich onderscheiden met eigen termen.
De klant heeft juist baat bij begrippen die ook buiten die ene winkel te begrijpen zijn.

Waar de verwarring ontstaat
Binnen één formule is een eigen stijlnaam meestal goed te volgen. Beelden, kleuren en materialen worden daar consequent bij elkaar gezet.
Lastiger wordt het wanneer verschillende winkels vergelijkbare woonwerelden anders benoemen.
Een warme neutrale basis met hout, zachte stoffen en afgeronde vormen kan bij de ene formule onder een bestaande woonstijl vallen en bij een andere een compleet nieuwe naam krijgen.
De verschillen zijn soms zichtbaar, maar niet altijd groot genoeg om direct als een andere woonstijl te worden ervaren.
Van Japandi naar Warm Japandi
Japandi is al jaren herkenbaar aan rustige vormen, natuurlijke materialen en ingetogen kleuren.
Een formule kan die richting actualiseren als Warm Japandi.
Lichtere houtsoorten maken plaats voor donkerder hout, beige wordt aangevuld met diepere bruintinten en stoffen krijgen meer structuur.
Een bestaande woonstijl kan behoorlijk veranderen door kleur, materiaal en afwerking zonder dat de basis verdwijnt.
Wanneer een andere winkel een vergelijkbare combinatie Natural Living of Calm Living noemt, krijgt de consument verschillende namen voor woonwerelden die dicht bij elkaar liggen.

Wanneer een stijlnaam wél helpt
Een eigen stijlnaam werkt wanneer er ook een duidelijk herkenbare woonwereld achter zit.
Het verschil moet zichtbaar zijn in meer dan één onderdeel.
Niet alleen een warmere kleur of donkerder hout, maar een combinatie van kleur, materiaal, vorm, licht en presentatie die consequent wordt doorgevoerd.
De naam benoemt dan iets wat de klant al kan zien.
Bij kleinere veranderingen ligt dat anders.
Als een bekende stijl vooral warmer, donkerder of rijker wordt uitgevoerd, kan die ontwikkeling ook binnen de bestaande stijl worden getoond.

Een woonformule hoeft niet dezelfde namen te gebruiken als andere winkels.
Een eigen stijltaal kan een formule juist herkenbaar maken.
Die naam moet wel terug te zien zijn in het beeld.
Wanneer drie woonwerelden naast elkaar worden gepresenteerd, moeten ze niet alleen in tekst verschillen. Kleur, materiaal, vorm, schaal, licht en presentatie moeten duidelijk maken wat iedere richting eigen maakt.
De klant moet dat verschil zowel online als in de showroom kunnen herkennen.









