De designwereld bestrijdt fast furniture, maar verliest ondertussen haar vertellers
- Conny Gruijters

- 5 dagen geleden
- 3 minuten om te lezen

Waarom het verdwijnen van onafhankelijke woonwinkels meer impact heeft op design dan veel merken willen toegeven
Waar design vroeger werd uitgelegd
De designwereld positioneert zich graag als tegenhanger van fast furniture. Duurzame materialen, langere levensduur en tijdloos ontwerp worden vaak genoemd als antwoord op snelle consumptie.
Maar ondertussen verandert er iets anders in de meubelwereld.
De plekken waar consumenten leerden begrijpen waarom design waarde heeft verdwijnen langzaam.
Veel designmerken zijn groot geworden via een netwerk van gespecialiseerde woonwinkels.
Dat waren geen gewone verkooppunten. De winkel was showroom, adviseur en curator tegelijk.
Verkopers konden uitleggen waarom een bank anders zat.
Waarom een stof duurder was.
Waarom een ontwerp al twintig of dertig jaar wordt geproduceerd.
Voor veel consumenten was dat de plek waar design betekenis kreeg.
Wanneer die plekken verdwijnen verandert ook hoe design wordt ervaren, en verschuift de verantwoordelijkheid om design begrijpelijk te maken naar merken en winkelconcepten zelf.
Wanneer design zijn vertellers verliest
Zonder uitleg verdwijnt een belangrijk deel van de waarde van design.
Een stoel zonder verhaal is voor veel consumenten nauwelijks te onderscheiden van een andere stoel.
Het verschil tussen massaproductie en ontwerpkwaliteit wordt vaak pas duidelijk wanneer iemand het uitlegt.
Wanneer die vertellers verdwijnen blijft er voor veel consumenten nog maar één zichtbaar verschil over.
De prijs.
Wat overblijft wanneer context verdwijnt

En dan wordt design in de beleving van veel mensen simpelweg een duurdere stoel, omdat het onderscheid niet langer wordt uitgelegd maar verondersteld.
Niet omdat het dat is, maar omdat de context ontbreekt.
De verschuiving in de meubelketen
Tegelijk verandert de route waarlangs meubels bij consumenten terechtkomen.
De klassieke keten was jarenlang eenvoudig.
Fabrikant, woonwinkel, consument.
Maar steeds vaker ontstaat een andere structuur.
Fabrikant, architect of interieurstylist, consument.
Of fabrikant, projectplatform, architect, consument.
De aankoop verandert daarmee.
De klant koopt niet alleen een meubel. De klant koopt een interieurconcept, en dat vraagt om winkels en merken die sturen op samenhang in plaats van losse product presentatie.
Binnen deze verschuiving ontstaat ook een hernieuwde focus op kerncollecties, waarin merken werken met een vaste basis van tijdloze ontwerpen die minder gevoelig zijn voor snelle trendwisselingen. In een eerdere analyse op The Real Styleguide ga ik dieper in op hoe een core collectie kan bijdragen aan rust, herkenbaarheid en langere levensduur binnen een interieur.
Van product naar totaalbeeld

Design verschuift naar de projectmarkt
Voor veel designmerken wordt de projectmarkt daardoor belangrijker.
Hotels, kantoren en architectuurprojecten groeien sneller dan traditionele meubel retail.
De Europese meubelmarkt heeft een retail waarde van ongeveer 165 miljard euro, maar staat tegelijkertijd onder druk door online verkoop, schaalvergroting en veranderend consumentengedrag.
Voor merken wordt het daardoor aantrekkelijker om via architecten en projectontwikkelaars te werken.
Daar wordt design onderdeel van een totaalplan in plaats van een los product, waardoor de rol van retail verschuift van verkoop naar vertaling en begeleiding.
En dan is er nog het debat over fast furniture
Tegelijk voert de designwereld een fel debat over fast furniture.
Dat debat is begrijpelijk.
In Europa wordt jaarlijks ongeveer tien miljoen ton meubels weggegooid. Het grootste deel daarvan wordt verbrand of gestort.
De milieu impact van de sector is dus aanzienlijk.
De paradox van de designwereld
Hier ontstaat een interessante spanning.
Design positioneert zich graag als tegenhanger van fast furniture. Langere levensduur, tijdloos ontwerp en duurzame materialen worden benadrukt.
Maar tegelijkertijd draait een groot deel van de designcultuur op trends.
Nieuwe stoffen. Nieuwe kleuren. Nieuwe vormen.
Trendcycli versnellen daardoor ook in het hogere segment.
Meubels worden niet alleen vervangen omdat ze kapot zijn, maar omdat smaak en stijl veranderen, waardoor ook in het hogere segment de druk op vernieuwing blijft bestaan.
Het nieuwe landschap van design
De grootste verandering in de designwereld is misschien niet fast furniture.
Het is het verdwijnen van de infrastructuur die design uitlegde.
Wanneer onafhankelijke woonwinkels verdwijnen verdwijnen vaak ook productkennis, advies en storytelling rond ontwerp.
Architecten en stylisten nemen een deel van die rol over. Maar zij werken meestal voor een kleiner publiek.
Het resultaat is een markt die zich langzaam opsplitst.
Aan de ene kant massaproductie en fast furniture.
Aan de andere kant design dat steeds vaker via architecten en projectinrichting wordt verkocht.
Daartussen zat ooit een brede midden markt waar consumenten design leerden kennen via gespecialiseerde woonwinkels.
Dat segment wordt dunner.
Design wordt uitgesprokener en minder toegankelijk

De vraag voor de designwereld
De grootste uitdaging voor design is misschien niet fast furniture.
De vraag is niet alleen wie het verhaal nog vertelt, maar wie de verantwoordelijkheid neemt om het opnieuw op te bouwen.
Want wanneer de vertellers verdwijnen blijft uiteindelijk vooral één verschil zichtbaar.
De prijs.
Bronnen
European Environmental Bureau, rapport over circular economy in de meubelsector en meubelafval in Europa CSIL European Furniture Market report over de omvang van de Europese meubelmarkt








